Begrippen

Afkoop

Als u uit dienst gaat en uw pensioen is lager dan € 465,94 (in 2016) koopt het pensioenfonds uw pensioen af. U krijgt nadat u uit dienst bent het pensioen in één keer uitgekeerd. U krijgt later geen pensioen meer van ons.

Anw-uitkering

De Anw (Algemene nabestaandenwet) is een uitkering van de overheid aan nabestaanden. Deze uitkering kan uw partner na uw overlijden bovenop onze uitkering(en) ontvangen. U moet aan voorwaarden voldoen om in aanmerking te komen voor deze uitkering. Meer informatie vindt u op www.svb.nl.
 

AOW-leeftijd

De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop u voor het eerst een AOW-uitkering ontvangt. Deze wordt verhoogd naar 67 jaar in 2021. Vanaf 2022 wordt de AOW-leeftijd gekoppeld aan de levensverwachting. Als de levensverwachting stijgt, gaat de AOW-leeftijd verder omhoog. Op de website van de Sociale Verzekeringsbank kunt u uw AOW-leeftijd eenvoudig berekenen.

AOW-uitkering

De Algemene Ouderdomswet (AOW) is een volksverzekering voor mensen die in Nederland hebben gewoond of gewerkt. U krijgt een volledige AOW-uitkering als u in de 50 jaar voor uw AOW-leeftijd altijd in Nederland heeft gewoond of gewerkt. Wanneer u uw AOW-leeftijd heeft bereikt, ontvangt u de AOW-uitkering. Heeft u buiten Nederland gewoond of gewerkt? Dan heeft u waarschijnlijk minder AOW opgebouwd. De overheid houdt dan per gemist jaar 2% in op uw AOW-uitkering. Meer informatie vindt u op www.svb.nl.
 

Banksparen

Banksparen is een fiscaalvriendelijke manier om aanvullend pensioen op te bouwen. U betaalt over deze spaarrekening geen belasting, maar u mag het kapitaal slechts voor specifieke doelen gebruiken, waaronder het aanvullen van uw pensioen.
 

Beleidsdekkingsgraad

De beleidsdekkingsgraad wordt berekend op basis van het gemiddelde van de actuele dekkingsgraden van de laatste 12 maanden. De beleidsdekkingsgraad is de leidraad voor het bestuur bij besluiten over onder andere de indexatie.

Bijzonder partnerpensioen

Het bijzonder partnerpensioen is het partnerpensioen bedoeld voor uw ex-partner.

CDC-regeling

Bij een CDC-regeling bouwt een deelnemer pensioenrechten op in een uitkeringsovereenkomst. De werkgever betaalt een vaste pensioenpremie. Als in enig jaar de beoogde opbouw niet betaald kan worden uit de ingelegde pensioenpremies, zou de opbouw moeten worden verminderd. De werkgever hoeft bij een tekort niet bij te storten. Het risico van eventuele tekorten ligt dus bij de deelnemer.

Conversie

Bij conversie wordt de waarde van het verevende ouderdomspensioen én het bijzonder partnerpensioen (waar de ex-partner recht op heeft na de scheiding) omgezet in een zelfstandige aanspraak op ouderdomspensioen voor de ex-partner.

Deeltijdpensioen

In overleg met uw werkgever is het mogelijk om met deeltijdpensioen te gaan. U blijft dan voor een deel werken en u gaat voor een deel met pensioen.

Dekkingsgraad

De dekkingsgraad is de verhouding tussen het vermogen van het pensioenfonds (het geld dat we in kas hebben) en de waarde van de toekomstige pensioenverplichtingen (de pensioenen die we nu of in de toekomst moeten uitbetalen). De dekkingsgraad is de graadmeter voor de financiële gezondheid van het fonds.

DNB

DNB staat voor De Nederlandsche Bank. Deze instantie houdt toezicht op pensioenfondsen, banken en verzekeraars.

Doorsneepremie

Voor de opbouw van pensioen wordt premie betaald. Voor iedereen wordt hetzelfde percentage van het jaarsalaris (gemaximeerd op € 103.317) afgedragen, ongeacht hoeveel pensioen je opbouwt. Dit is de doorsneepremie.

Eigen bijdrage

De eigen bijdrage is het deel van de pensioenpremie dat de deelnemer zelf voor zijn of haar pensioen betaalt.

Factor A

De factor A is een aanduiding voor de pensioenaangroei in een bepaald jaar. Deze factor A heeft u nodig om uit te rekenen hoeveel lijfrentepremie u maximaal van de inkomstenbelasting kan aftrekken. Op uw Uniform Pensioenoverzicht wordt de factor A vermeld.

Franchise

Omdat u later ook AOW via de overheid ontvangt, hoeft u niet over uw hele pensioengevend salaris pensioen op te bouwen. Daar wordt een bedrag van afgetrokken: de franchise. Dit is een vast bedrag dat elk jaar opnieuw wordt vastgesteld.

Haalbaarheidstoets

De haalbaarheidstoets is een toets die het fonds jaarlijks uitvoert over een periode van 60 prognosejaren. Het doel van deze toets is om de ontwikkeling van de koopkracht van het pensioen inzichtelijk te maken. De Nederlandsche Bank verplicht pensioenfondsen deze haalbaarheidstoets te doen.

Herstelplan

Een pensioenfonds moet een herstelplan indienen als de dekkingsgraad lager is dan de dekkingsgraad behorende bij het vereist vermogen. In een herstelplan staan maatregelen die ertoe moeten leiden dat de financiële situatie verbetert. Een herstelplan moet ingediend worden bij De Nederlandsche Bank.

Indexatie

Indexatie is het verhogen van de pensioenaanspraken volgens een bepaalde index. Dat kan een vast percentage zijn, maar het percentage kan ook overeenkomen met het loonindexcijfer of prijsindexcijfer. Het doel van indexatie is het min of meer waardevast houden van pensioenaanspraken- en uitkeringen. We noemen de indexatie ook wel ‘toeslag’.

Indexatiedepot

Voor werknemers die voor of op 1 maart 2015 in dienst zijn getreden is een overgangsregeling getroffen vanwege de wijziging in de pensioenregeling. Om de versobering te beperken is een reserve (indexatiedepot) gevormd die het bestuur kan aanwenden voor de toeslag (verhoging van het opgebouwde pensioenaanspraken). Deze reserve kan voor het eerst worden ingezet per 1 januari 2016, binnen de dan geldende wet- en regelgeving.

Korten

Korten staat voor het verlagen van de pensioenaanspraken en -rechten. Als de financiële situatie van het pensioenfonds onvoldoende is, kan het bestuur in extreme gevallen moeten besluiten de pensioenaanspraken en -rechten te verlagen.

Lijfrente

De lijfrente is een manier om aanvullend pensioen op te bouwen. U betaalt een premie. Vanaf de ingangsdatum krijgt u periodiek een uitkering. De hoogte en duur van de uitkering is afhankelijk van de keuzes die u maakt (en de hoogte van de premie).

Middelloonregeling

Bij ons pensioenfonds bouwt u pensioen op in een middelloonregeling. In deze pensioenregeling is uw pensioen gebaseerd op uw gemiddelde salaris tijdens uw loopbaan. Ieder dienstjaar wordt meteen overeengekomen percentage over uw pensioengevend salaris (minus de franchise) pensioen opgebouwd. Als u meer gaat verdienen, gaat u vanaf dat moment ook meer pensioen opbouwen (tot een maximum pensioengevend salaris van € 103.317).

Nabestaande

Een nabestaande is de echtgeno(o)t(e) of erkende partner van een overleden (gewezen) deelnemer of pensioengerechtigde van de pensioenregeling.

Nabestaandenpensioen

Dit is het pensioen dat na uw overlijden aan uw partner en uw kinderen wordt uitgekeerd. Voor uw partner wordt dit het partnerpensioen genoemd. Voor uw kinderen wordt dit het wezenpensioen genoemd.

Opbouwpercentage

Het opbouwpercentage is het percentage van de pensioengrondslag (het pensioengevend salaris minus de franchise) dat elk jaar aan pensioen wordt opgebouwd.

Ouderdomspensioen

Het pensioen dat u vanaf uw pensioneren totdat u overlijdt krijgt.

Partner

Een partner is degene met wie de deelnemer is getrouwd of een geregistreerd partnerschap heeft. Ook als een deelnemer samenwoont, kan de partner recht hebben op het partnerpensioen. U moet dan uw partner hebben aangemeld bij het pensioenfonds.

Partnerpensioen

Dit is het pensioen dat na uw overlijden aan uw partner wordt uitgekeerd. Zolang uw partner leeft zal hij/zij deze uitkering ontvangen.

Pensioenaanspraak

Dit is uw aanspraak op uw pensioen. Het is het brutobedrag dat de (gewezen) deelnemer in de toekomst als jaarlijkse pensioenuitkering krijgt.

Pensioendatum

Dit is de ingangsdatum van het ouderdomspensioen.

Pensioengevend salaris

Het pensioengevend salaris is het salaris dat wordt meegeteld voor uw pensioenopbouw. Het pensioengevend salaris is 12 keer uw bruto basismaandsalaris, plus uw eventuele bruto ploegentoeslag of semi-continu-toeslag, plus de bruto dertiende en bruto veertiende maand. Het pensioengevend salaris is maximaal € 103.317. Als u parttime werkt wordt dit maximum via het parttimepercentage overeenkomstig verlaagd.

Pensioengrondslag

De pensioengrondslag is uw fulltime pensioengevend salaris minus de franchise. De pensioengrondslag is het deel van uw salaris waarover u pensioen opbouwt. Als u parttime werkt, wordt de pensioengrondslag nog vermenigvuldigd met het parttimepercentage.

Pensioenreglement

In het pensioenreglement is de pensioenregeling vastgelegd.

Pensioenrichtleeftijd

Dit is de standaard leeftijd waarop uw pensioen ingaat. In het huidige pensioenreglement is deze 67 jaar. U kunt ervoor kiezen eerder met pensioen te gaan.

Pensioenuitvoerder

Pensioenuitvoerders zijn pensioenfondsen en verzekeraars die een pensioenregeling uitvoeren. In dit geval is Pensioenfonds Archimedes de pensioenuitvoerder.

Ploegentoeslag

Werknemers die in de (semi-)continue dienst werken krijgen een ploegentoeslag. Over deze ploegentoeslag bouwen zij ook pensioen op.

Premiedepot

Als er in een jaar meer premie is betaald dan nodig is voor de pensioenopbouw, dan wordt dit overschot in een premiedepot gestort. Dit is een buffer voor mindere tijden. Als er in enig jaar te weinig premie wordt ingelegd om de beoogde pensioenopbouw te kunnen financieren, kan de reserve uit het premiedepot gebruikt worden.

Premieovereenkomst

Bij een premieovereenkomst staat de inleg (de premie) vast. De uitkomst (het pensioen) is variabel. De vaste premie wordt belegd. Er worden geen afspraken of ambities vastgelegd over hoeveel pensioen dit uiteindelijk op gaat leveren. Een premieovereenkomst brengt dus meer risico met zich mee.

Premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid

In onze pensioenregeling is premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid opgenomen. Dat houdt in dat bij gehele of gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid het pensioenfonds de premie geheel of gedeeltelijk voor zijn rekening neemt. De pensioenopbouw wordt dus voortgezet.

Rekenrente

De rekenrente is het verwachte rendementspercentage dat het belegde pensioenvermogen van een pensioenfonds zou moeten opbrengen om de verplichtingen na te kunnen komen. Een pensioenfonds gaat bij de berekening van de premies en reserveringen uit van dit percentage. De rekenrente wordt voorgeschreven door DNB.

Semi-continue toeslag

Werknemers die in de (semi-)continue dienst werken krijgen een ploegentoeslag. Over deze ploegentoeslag bouwen zij ook pensioen op.

UFR

UFR staat voor Ultimate Forward Rate. Dit is de rekenmethode die DNB hanteert voor het berekenen van de rekenrente met een looptijd van langer dan 20 jaar.

Uitkeringsovereenkomst

Geeft het karakter aan van de pensioenovereenkomst. Onze pensioenregeling is een uitkeringsovereenkomst. Dat betekent dat er (voorwaardelijke) afspraken zijn over de hoogte van de uitkering.

Uitruil

Uitruil is de mogelijkheid om een deel van het partnerpensioen of het hele partnerpensioen dat u heeft opgebouwd om te zetten in extra ouderdomspensioen. Of andersom. Heeft u een partner, dan moet hij of zij hiermee instemmen.

Uniform Pensioenoverzicht

Elke pensioenuitvoerder is verplicht het Uniform Pensioenoverzicht (UPO) te verstrekken aan haar deelnemers. U vindt hierop een overzicht van uw pensioenaanspraken. Het UPO ziet er inhoudelijk bij alle pensioenuitvoerders in grote lijnen hetzelfde uit.

Verevening

Na een scheiding wordt het pensioen volgens de wet verevend. Bij verevening krijgt de ex-partner recht op een gedeelte van het ouderdomspensioen dat is opgebouwd tijdens de duur van het huwelijk.

Voorwaardelijk

Het pensioenfonds probeert de pensioenaanspraken en -uitkeringen jaarlijks te verhogen om geen koopkracht te verliezen. Dit noemen we ‘toeslagverlening’ of ‘indexatie’. We kunnen de pensioenaanspraken en -uitkeringen alleen verhogen als de financiële situatie van het pensioenfonds goed genoeg is. Daarom is de verhoging ook voorwaardelijk: u heeft er niet standaard recht op.

VPL-reglement

Reglement over het voorwaardelijk additioneel ouderdomspensioen. Deelnemers in dienst gekomen voor 1 januari 2006 bouwen voorwaardelijk additioneel ouderdomspensioen op. Dit pensioen wordt alleen uitgekeerd als de deelnemer tot zijn/haar (eventueel vervroegde) pensioendatum in dienst blijft. U vindt het VPL-reglement bij Meer informatie > Documenten.

Waardeoverdracht

Als u een nieuwe baan krijgt, kunt u uw opgebouwde pensioen meenemen naar de nieuwe pensioenuitvoerder. Dit heet waardeoverdracht. De overdrachtswaarde wordt door de nieuwe pensioenuitvoerder omgezet in extra pensioen.

Waardevast

Als de stijging van het pensioen gelijk opgaat met de inflatie dan is het pensioen waardevast. De koopkracht van het pensioen blijft op die manier gelijk.

Wezenpensioen

Dit is het pensioen dat na uw overlijden aan uw eventuele kinderen onder 18 jaar wordt uitgekeerd. Als het kind studeert geldt de leeftijd van maximaal 27 jaar. Daarna stopt het wezenpensioen.